De afgelopen weken stond natuurbrandbestrijding volop in de aandacht door twee grote natuurbranden in onze regio. Voor adviseur natuurbrandbeheersing Aniek Henken kwam daarmee alles samen waar zij zich dagelijks mee bezighoudt. “Die grote natuurbranden lieten zien waarom ons werk zo belangrijk is.”
In deze editie van ‘5 brandende vragen’ vertelt Aniek over haar interesse in natuurbranden, samenwerken met verschillende partijen én waarom Nederland zich steeds beter moet voorbereiden op dit groeiende risico.

“Tijdens mijn studie Climate Studies aan Wageningen Universiteit volgde ik een keuzevak over natuurbrandbeheersing. Ik vond het meteen interessant. Ik had al veel vakken gevolgd over watermanagement en klimaatverandering, maar natuurbrand voelde veel ‘nieuwer’. In Nederland staat het onderwerp nog in de kinderschoenen. Er is minder wetgeving, minder onderzoek en er zijn minder mensen mee bezig, dan bijvoorbeeld met watermanagement. Juist dat sprak mij aan.
Natuurbrand raakt ook veel verschillende thema’s tegelijk: klimaatverandering, natuur, veiligheid en de maatschappij. Dat maakt het heel veelzijdig. Na mijn studie heb ik onderzoek gedaan naar natuurbranden en gewerkt aan een Europees samenwerkingsproject rondom dit onderwerp. Toen ik vorig jaar de vacature voor deze functie bij Brandweer Limburg-Noord zag, dacht ik meteen: dit past perfect bij mij.
Ook de crisisorganisatie sprak mij aan. En de brandweer past goed bij hoe ik graag werk: de mensen en manier van werken past bij mij.”
“Ik werk met veel verschillende mensen en organisaties samen en dat maakt het werk heel afwisselend. Binnen ons team houd ik mij vooral bezig met alles wat regio- en afdeling-overstijgend is. Ik stem bijvoorbeeld zaken af met andere afdelingen binnen onze organisatie, zoals Crisisbeheersing. Daarnaast sluit ik aan bij landelijke werkgroepen en vertaal ik landelijk beleid naar onze regio.
Ik werk ook veel samen met partners buiten de brandweer. Op dit moment werk ik bijvoorbeeld aan een project met Duitse partners over kennisontwikkeling rondom natuurbranden. Daarnaast ben ik betrokken bij een pilotproject voor dataverzameling rondom natuurbranden, samen met onder andere het NIPV (Nederlands Instituut Publieke Veiligheid).
Qua locaties is mijn werk ook afwisselend: ik werk door heel het land. Het ene moment zit ik in overleg of achter mijn laptop, het andere moment sta ik midden in een natuurgebied. Die afwisseling vind ik heel fijn.
En ik vind het ook mooi dat ik bijdraag aan een veiliger Nederland.”
“De grote natuurbranden in onze regio lieten zien waarom ons werk zo belangrijk is.”
Aniek
“Dat was een bijzondere en vooral leerzame week. Ondanks dat ik mij al een tijdje met natuurbranden bezighoud, had ik nog niet vaak zo’n grote natuurbrand van dichtbij meegemaakt. Ik ben zelf ook gaan kijken bij de incidenten om te zien hoe alles in de praktijk verloopt. Hoe lopen processen? Wat gaat goed? Wat kunnen we verbeteren?
Wat mij vooral opviel, is hoe groot zo’n incident eigenlijk is. Veel groter dan je je vooraf voorstelt. Het onderstreepte echt waarom het belangrijk is dat we ons met natuurbrandbeheersing bezighouden. Tegelijkertijd liet het ook zien dat we nog veel kunnen leren en verbeteren.
Er was die week ook veel media-aandacht. Ik heb meegewerkt aan een item van het Jeugdjournaal. Dat was heel bijzonder om mee te maken! Ik heb die week veel reacties gekregen van mensen die mij ergens voorbij zagen komen op televisie.
Maar het belangrijkste is dat die week mij juist extra energie heeft gegeven. Je merkt dat het werk dat je doet relevant is en steeds belangrijker wordt.”
“We proberen risico’s zo goed mogelijk in kaart te brengen. We kijken bijvoorbeeld naar natuurgebieden: hoe toegankelijk zijn ze voor hulpdiensten, is er voldoende bluswater beschikbaar en hoe kunnen we voorkomen dat brand zich snel verspreidt?
Een voorbeeld daarvan is het aanbrengen van compartimenten in natuurgebieden. Daarmee deel je natuur als het ware op in kleinere delen. Dat helpt bij het bestrijden van branden. Ook kijken we naar begroeiing, omdat sommige boom- en struiksoorten brandbaarder zijn dan andere.
Daarnaast besteden we veel aandacht aan voorlichting. Veel mensen denken dat natuurbrand vooral een risico is tijdens hete zomers, maar juist in het voorjaar is de natuur vaak erg droog. Daarom is bewust gedrag belangrijk. Bijvoorbeeld door geen afval achter te laten, geen kampvuur te maken en je auto niet in droog gras te parkeren.
Ook binnen de brandweer bereiden we collega’s goed voor. We zorgen voor opleidingen en trainingen, zodat iedereen weet hoe te handelen bij natuurbranden.”
“Door klimaatverandering verwachten we meer natuurbranden en ook grotere branden. De kans op meerdere branden tegelijk neemt toe. Daarnaast krijgen mensen er waarschijnlijk vaker mee te maken, bijvoorbeeld door rookoverlast.
Ik denk daarom dat natuurbrandbeheersing alleen maar relevanter wordt. Gelukkig zie je dat er steeds meer aandacht voor komt. Er wordt meer samengewerkt en er is meer bewustwording.
Wat ik inwoners vooral wil meegeven, is dat natuurbrand een risico is waar we mee moeten leren leven. Maar mensen kunnen zelf ook echt verschil maken. Bijvoorbeeld door de auto te parkeren op aangegeven parkeerplaatsen en niet in hoog en droog gras.
Het gaat alleen maar drukker worden maar ik heb er vertrouwen in dat we ons als samenleving steeds beter voorbereiden.”