Natuurbrand

Van een klein vuurtje tot een allesverwoestende brand

Open vuur in de natuur

Natuurbranden zijn grillig en moeilijk te bestrijden. Vuur kan zich razendsnel verspreiden via kruinen van bomen en kan heel onverwachts op de grond opduiken. Een brandje in het bos, op de hei of in de duinen kan al snel uit de hand lopen.

Voorkom natuurbrand, wat kun jij doen?

Natuurbrand kent geen grenzen

Het grootste gevaar voor mensen is dat ze door het vuur ingesloten raken en niet meer weg kunnen komen.

Is er brand in de natuur en weet je niet welke kant je uit moet?

Loop dan niet voor de brand uit of in de richting van de brand, maar haaks op de richting waar de brand vandaan komt. Komt de brand uit het zuiden, loop dan niet richting het noorden, maar richting het oosten of westen. De kans dat de brand je inhaalt of insluit, is dan het kleinst.

Flyers met tips per doelgroep

Hoe groot is het risico op natuurbrand?

In het algemeen geldt dat in natuurgebieden met bos, heide, en/of gras(duinen) de kans op natuurbrand toeneemt bij langere periodes van droog weer. Een natuurbrand kan zich in droge periodes zeer snel en onvoorspelbaar ontwikkelen.

De brandweer en natuurorganisaties werken sinds 2018 met twee natuurbrandfasen om aan te geven hoe groot de kans op natuurbrand is:

Fase 1: Regulier natuurbrandgevaar: wees altijd voorzichtig met vuur in de natuur.
Fase 2: Verhoogd natuurbrandgevaar: weer extra alert op brand en vermijd vuur in de natuur.

Fase 1 Regulier natuurbrandgevaar

Natuurbeheerders en brandweer zijn altijd voorbereid op een natuurbrand. Zij hebben in deze fase (nog) geen extra maatregelen getroffen. Wel geldt altijd dat voorzichtigheid met vuur in de natuur geboden is.

Wat betekent dit voor jou?

  • Wees alert en meld brand of verdachte situaties via 112.
  • Help mee door foto’s/filmpjes te maken en onthoud de locatie, persoonskenmerken en bijvoorbeeld een kenteken als u een situatie niet vertrouwt.

Voorkom brand:

  • Plaats BBQ, vuurkorf, gastank, composthoop (i.v.m. broei) op een brandveilige plek.
  • Houd altijd blusmiddelen bij de hand, bijvoorbeeld een blusdeken, tuinslang, brandblusser of in ieder geval een emmer water.
  • Gooi gedoofde sigarettenpeuken, tuinafval en glas in een gesloten prullenbak of neem het mee.
  • Parkeer niet in hoog gras, de katalysator van de auto wordt erg heet.
  • Houd er rekening mee dat je niet overal in de natuur goed bereik hebt met je mobiele telefoon.

Fase 2 Verhoogd natuurbrandgevaar

Het is al langere tijd droog in de natuur. Het risico dat een natuurbrand ontstaat is groter. Een natuurbrand kan zich in droge periodes snel en onvoorspelbaar ontwikkelen, zeker bij harde wind. Terreineigenaren, natuurbeheerders en hulpdiensten zijn in deze periode extra alert, maar vragen ook jouw medewerking om de gevolgen van natuurbrand te voorkomen of te beperken.

Tijdens deze fase kun je natuurlijk nog steeds gerust de natuur intrekken. Maar wees extra alert, gebruik het gezonde verstand en meld vooral in deze fase verdachte zaken meteen via 112.

Vergunning
Sommige – gemeentelijke of provinciale – vergunningverleners gebruiken de fase-indeling om een vergunning te weigeren of in te trekken.

Wat betekent dit voor jou?

  • Wees extra alert en meld brand of verdachte situaties via 112.
  • Help mee door foto’s/filmpjes te maken en onthoud de locatie, persoonskenmerken en bijvoorbeeld een kenteken als u een situatie niet vertrouwt.

Voorkom brand:

  • Je mag hoogstwaarschijnlijk niet meer stoken, ook al heb je een ontheffing van het stookverbod. Kijk daarvoor naar de voorwaarden van de ontheffing of neem hierover contact op met de verlenende instantie (gemeente of provincie).
  • In sommige gebieden mag je van de gemeente, terrein -of natuureigenaren geen open vuur stoken in of nabij de natuur. Dit kan ook gelden voor gebruik van vuurkorven, fakkels, wensballonnen en vuurwerk of koken met open vuur op vaste brandstoffen, zoals hout of houtskool/briketten. Kijk hiervoor in de APV van jouw gemeente of volg de aanwijzingen/geboden op die in het gebied worden aangegeven.
  • Plaats BBQ, vuurkorf, gastank, composthoop (i.v.m. broei) op een brandveilige plek.
  • Houd altijd blusmiddelen bij de hand, bijvoorbeeld een blusdeken, tuinslang, brandblusser of in ieder geval een emmer water.
  • Gooi gedoofde sigarettenpeuken, tuinafval en glas in een gesloten prullenbak of neem het mee.
  • Parkeer niet in hoog gras, de katalysator van de auto wordt erg heet.
  • Houd er rekening mee dat je niet overal in de natuur goed bereik hebt met je mobiele telefoon.

Wat kun je doen als er toch een natuurbrand is?

• Bel 112 om de locatie van de brand zo precies mogelijk door te geven.
• Wacht hulp niet af. Vlucht zo snel en ver mogelijk weg van de brand.
• Waarschuw en help de anderen op een veilige plek te komen.
• Ga niet voor de brand uit of in de richting van de brand, maar vlucht haaks op de brand. Daarmee is de kans kleiner dat de brand je inhaalt.

 

Vragen over de fasering

  • Hoe worden de fases bepaald?

    In de aangesloten veiligheidsregio’s staan meetstations in de natuurgebieden. Deze meten tal van factoren zoals windsnelheid, temperatuur, droogte, luchtvochtigheid etc. Op basis van deze metingen wordt een bepaalde indexwaarde berekend. Die geeft het actuele risico aan of een natuurbrand zich snel kan uitbreiden. Deze indexwaarden fluctueren gedurende de dag.

    De indexwaarden worden dagelijks gevolgd door een getrainde medewerker van de veiligheidsregio en gecombineerd met bijvoorbeeld de meteogegevens van KNMI en Buienradar, informatie van natuurbeheerders, informatie van brandweerdeskundigen uit het veld en eigen waarneming.

    Op basis van al deze gegevens wordt de fase voor de veiligheidsregio bepaald. De fase wordt, indien nodig, rond middernacht aangepast.

  • Waarom wijzigt de fase maar één keer per dag?

    De real time-waardes wijzigen gedurende de dag. Dit betekent dat in de vroege ochtend de indexwaardes een andere fase kunnen suggereren dan ’s middags. Als er bijvoorbeeld in de middag heel veel regen valt, verandert de waarde daardoor. Ook als de waardes net op de rand zitten tussen de twee fases, verschuift dit dus steeds. Verder is de indexwaarde slechts één van de factoren die worden meegewogen om de fase te bepalen.

    Het belangrijkste voor burgers en recreatieondernemers zijn de handelingsperspectieven die op dat moment relevant zijn. Als we de fluctuerende fases ‘aan de achterkant’ zouden tonen, is dat voor burgers erg onduidelijk, zeker als je bijvoorbeeld een stookontheffing hebt gekregen waarbij in de ontheffing wordt aangegeven dat deze vervalt bij een fase ‘extra alert’. Daarom is er besloten om de fase om middernacht aan te passen voor de volgende dag en die de hele volgende dag vast te zetten.

  • Wat is het verschil tussen beide fases?

    Voor de burgers is er eigenlijk weinig verschil in de handelingsperspectieven, voorzichtigheid met vuur in de natuur is altijd belangrijk. Voor de inzet van de hulpdiensten is er wel een verschil. Afhankelijk van de situatie ter plaatse kan een veiligheidsregio besluiten om bijvoorbeeld bij fase 2 met meer voertuigen uit te rukken.

  • Hoe kan het dat er tussen veiligheidsregio’s een verschil is in de keuze voor fases?

    Het kan in de ene veiligheidsregio in de natuur vochtiger zijn dan in de andere veiligheidsregio, bijvoorbeeld door plaatselijke regenbuien. Dit vertaalt zich in een andere indexwaarde en keuze voor fase.

  • Hoe blijf ik op de hoogte van het natuurbrandrisico?

    Voor het actuele natuurbrandrisico, kunt u zich op de site www.natuurbrandrisico.nl aanmelden voor een automatische alert. Zie hiervoor : Abonneren”.

Voorkom natuurbrand

Tips om brandgevaar te verkleinen
Natuurbrand
Natuurbrand
Was deze informatie nuttig?
Stel een vraag
Sluit stel een vraag box