René van Tulden blikt terug op 45 jaar brandweer

21 augustus 2026
Door regio: Limburg-Noord

Op 21-jarige leeftijd begint René van Tulden bij de vrijwillige brandweer in Weert. 45 jaar later neemt hij afscheid van de repressieve dienst. Maar echt stoppen? Daar is René eigenlijk nog niet helemaal klaar voor. In al die jaren groeit de brandweer uit tot een belangrijk onderdeel van zijn leven. Hij maakt het vak in allerlei vormen mee, ziet de organisatie en het werk veranderen en ontdekt onderweg ook kanten van zichzelf waarvan hij vroeger niet had gedacht dat hij ze zou ontwikkelen.

Altijd al iets met geüniformeerde beroepen

De interesse in geüniformeerde beroepen zit er bij René al vroeg in. Hij leert voor stuurman op de zeevaart, heeft interesse in het leger en droomt er ooit van om piloot te worden. Als René stopt met varen, komt de brandweer in beeld.

“Ik ben altijd gecharmeerd geweest van geüniformeerde beroepen en zodoende heb ik altijd de wens gehad om van de brandweer mijn beroep te maken.”

Dat blijkt niet eenvoudig. Daarom begint René als vrijwilliger bij de brandweer in Weert. In 1997 komt die wens alsnog uit. René gaat als medewerker brandpreventie aan de slag bij de gemeente Weert, de voorloper van wat we nu risicobeheersing noemen.

Alles wat kon veranderen, veranderde

In 2009 maakt René de overgang mee van de gemeentelijke brandweer naar Veiligheidsregio Limburg-Noord. Een verandering die gevolgen heeft. René wil zijn werk binnen preventie graag voortzetten, maar kan die functie niet binnen het cluster Weert blijven doen. Omdat hij graag in Weert wil blijven werken, maakt hij de overstap naar ‘Vakbekwaam Blijven’, waar hij onder meer als oefencoördinator aan de slag gaat.

Ondanks alle veranderingen kijkt René positief terug op zijn werkgever. “Ik vind Veiligheidsregio Limburg-Noord nog steeds een fijne en goede werkgever.”

Samen ervoor gaan

Wat René al die jaren is blijven aantrekken in de brandweer, is vooral het samen klaarstaan. Juist op de momenten waarop het eigenlijk helemaal niet uitkomt. “In het weekend, als het koud en nat buiten is, dan staan we er samen. Je komt met een aantal gelijkgestemden op de kazerne en dan ga je ervoor. Dat is het mooie van de brandweer.”

Die kameraadschap is volgens René een van de dingen die in 45 jaar nauwelijks is veranderd. “Bij de feesten en bijeenkomsten binnen de post merk je: we zijn één grote familie, alhoewel ik niet meer zo fanatiek ben in feestjes vieren.”

Ook thuis krijgt René al die jaren steun. Zijn vrouw heeft hem altijd gestimuleerd. “Dat is voorwaardelijk voor het goed functioneren van een brandweerman of -vrouw.”

Kritisch kijken naar de toekomst

In 45 jaar heeft René vooral de vrijwilligers zien veranderen. Waar de brandweer vroeger voor veel vrijwilligers een zeer groot onderdeel van hun leven is geweest, is het tegenwoordig vaker één van meerdere hobby’s.

De maatschappij is veranderd en daarmee ook de manier waarop mensen hun tijd kunnen en willen inzetten. Tegelijkertijd vraagt hij zich af wat dat betekent voor de brandweer. “Wat kunnen we verwachten van de moderne vrijwilliger?”

Brandweer zijn is een vak. Kennis en vaardigheden moeten op peil blijven. De combinatie van veranderende beschikbaarheid, een andere mentaliteit en de eisen die het vak stelt, roept bij René dan ook de vraag op of de huidige manier van werken op termijn houdbaar blijft. “Ik denk dat we het niet vol kunnen houden zoals het nu is. Volgens René vraagt de toekomst om een andere invulling. Wellicht een kleinere groep parttime professionals onder andere voorwaarden. Die goed getraind en gemotiveerd is, om het vak met overtuiging en trots uit te oefenen.”

Een onverwachte passie voor het woordvoerderschap

Misschien wel een van de meest opvallende ontwikkelingen in René zijn loopbaan is zijn werk als woordvoerder. Juist omdat hij van zichzelf nooit iemand is geweest die graag op de voorgrond staat.

Als René wordt gevraagd waar hij na 45 jaar het meest trots op is, noemt hij dan ook niet zijn lange staat van dienst of een spectaculaire inzet. Hij noemt zijn groei als woordvoerder.

“Als je mij 25 jaar geleden had gevraagd dat ik dit zou gaan doen, no way! En nu sta ik met vertrouwen voor de camera. Wat ik zeg, als ik voor de camera sta, moet hout snijden; je hebt immers maar een paar minuten en daarin moet het staan.”

Het woordvoerderschap is dan ook iets wat hij straks misschien nog wel het meest gaat missen. “Stoppen als woordvoerder vind ik lastig. Misschien zelfs lastiger dan stoppen als brandweerman. Het is een geweldig onderdeel van mijn werk.”

Momenten die blijven

Er zijn vanzelfsprekend ook inzetten die René niet snel zal vergeten. Een dodelijk bedrijfsongeval is hem bijgebleven. Twee werknemers werkten in een fabriek toen een van hen in een transportschroef terecht is gekomen. “Het moet een veilige omgeving zijn en mag niet gebeuren. De jongeman is naar zijn werk gegaan met de gedachte: ik ga straks weer naar huis. Dat heeft mij als bevelvoerder op een bepaalde manier geraakt.”

Er zijn ook luchtigere herinneringen. Tijdens een training voor woordvoerders op een realistisch oefencentrum moet René verslag doen van een casus: een brand met zogenaamd dodelijk verwonde personen. Wanneer hem wordt gevraagd of er gewonden of doden zijn, zegt hij dat hij dat niet weet op dat moment. De journalist draait vervolgens zijn camera naar de oefenpoppen die op de weg liggen, de ‘slachtoffers’ van het scenario en vraagt droog: “Wat zijn dat dan?” Op dat moment schieten René en de journalist allebei in de lach. De oefening is daarmee eigenlijk meteen voorbij.

Laatste repressieve dienst

Op 27 mei draait René zijn laatste repressieve dienst als SIV-bevelvoerder in Weert. Hij heeft die dag niets door tot hij rond 16.20 uur via zijn pager een melding krijgt van een ‘brandgerucht gemeentehuis Weert’.

Pas onderweg begint hij argwaan te krijgen. In de raadszaal van het gemeentehuis staan collega’s, oud-collega’s, familie en andere genodigden klaar. Bij binnenkomst krijgt René een groot applaus.

“Ik heb het heel erg leuk gevonden. Een mooie speech van de burgemeester. Daarna heb ik zelf nog wat verteld. Heel erg fijn dat ze dat gedaan hebben.”

Op naar 11 juli 2027

Helemaal afscheid nemen van de repressieve brandweer blijkt bovendien lastig. Bij een knelling in het rooster of de bezetting rukt René inmiddels soms alweer mee uit.

“Ik ben nog niet klaar met de brandweer. Ik voel me fit. De uitrukken mis je.”

Zijn afscheid van de repressieve dienst betekent dan ook niet dat René stopt met zijn werkzaamheden binnen de brandweer. Hij geeft nog steeds les aan manschappen en krijgt binnen de afdeling “Vakbekwaam Blijven” nog verschillende projecten, waaronder het vernieuwen van de opleiding tot oefenleider. Het echte afscheid volgt in juli 2027, wanneer René 67 jaar wordt en met pensioen gaat. Dat vooruitzicht zorgt voor een dubbel gevoel. “Het is spannend. Hoe gaat het leven er dan uitzien na 11 juli 2027?”

Stilzitten is in ieder geval geen optie. Wandelen, fietsen (mountainbiken) en treinreizen staan op het programma. Ook wil hij actief blijven als volontair bij “Brandveilig Leven” en mogelijk parttime blijven werken bij een realistisch oefencentrum.

Tegelijkertijd kijkt hij ook uit naar iets wat hij in 45 jaar nauwelijks heeft gekend: rust. “De rust die ik dan ga krijgen heb ik nooit gehad en dat voelt ook ergens wel fijn. Ik heb 45 jaar aangestaan. Dat hoeft dan niet meer.”

En als René zijn 45 jaar bij de brandweer in één zin moet samenvatten?
“Fantastisch, zou ik zomaar wéér doen.”

Stel een vraag
Sluit stel een vraag box