Leergang Bevelvoerder

De leergang Bevelvoerder leidt een manschap op tot leidinggevende van een basisbrandweereenheid, de tankautospuit. Gedurende de leergang komt het leidinggeven aan manschappen met betrekking tot de incidenttypen technische hulpverlening en waterongevallen, gevaarlijke stoffen en brandbestrijding aan bod.

De leergang is sterk gericht op leren op de werkplek, met behulp van leerwerkplekopdrachten en onder begeleiding van een daarop toegeruste leerwerkplekbegeleider. De leergang is opgebouwd rondom de verschillende incidenttypen, te weten technische hulpverlening en waterongevallen, gevaarlijke stoffen en brandbestrijding.

De opleiding bestaat uit theorielessen, maar veelal uit realistische praktijklessen die op het eigen terrein worden uitgevoerd of lessen XVR (computersimulatie). Kort voor het praktijkexamen brandbestrijding wordt daarnaast nog vijf dagen getraind op een ander oefencentrum.

Studiemateriaal

Elk incidenttype is weer opgebouwd uit diverse leerblokken. Een blok bestaat uit één of meer leertaken. Leertaken zijn opgebouwd uit verschillende onderdelen:

  • e-modules
  • ELO-opdrachten
  • praktijkbijeenkomsten
  • leerwerkplekopdrachten.

De Elektronische Leeromgeving is hierbij ondersteunend. In het activiteitenplan vind je de volledige opbouw van alle onderdelen en kun je leertaken in- en uitklappen om gemakkelijk te navigeren. In de ELO vind je de e-modules en de opdrachten. Het is noodzakelijk om deze leermiddelen goed door te nemen. Dan ben je voorbereid op de bijeenkomsten en haal je een zo goed mogelijk leerrendement. Je opleiding bestaat uit de volgende onderdelen:

  • E-modules
    In de ELO vind je de e-modules. Dit zijn korte online lessen die worden ondersteund door animaties en video. Ook zijn er vragen opgenomen zodat je de inhoud actief kunt verwerken.

  • ELO-opdrachten
    Naast de e-modules zijn er ELO-opdrachten. Dit zijn korte opdrachten waarbij je zelfstandig aan de slag gaat met de inhoud van de e-modules. De opdrachten zijn bedoeld om de theoretische kennis eigen te maken.

  • Lesdagen
    De bijeenkomsten op het opleidingsinstituut worden begeleid door een docent of instructeur. In de bijeenkomst is ruimte voor het stellen van vragen, het bestuderen van cases en het delen van (werk)ervaringen. Maar ook het oefenen van XVR en praktijksituaties. Door het oefenen van praktische vaardigheden tijdens de praktijkbijeenkomsten koppel je de theorie aan de praktijk.

  • Leerwerkplekopdrachten
    De leerwerkplekopdrachten geven vorm aan het leren op de werkplek. De leerwerkplekopdrachten zijn een belangrijk onderdeel van de opleiding. Deze opdrachten variëren van een zoekopdracht of onderzoek op de werkplek tot een korpsoefening. Ze zijn bedoeld om de situatie in je eigen korps en verzorgingsgebied beter te leren kennen en praktische vaardigheden extra te oefenen.

Inspanningsverplichting

Als deelnemer ben je zelf verantwoordelijk voor je studievoortgang. Het opleidingsinstituut is er om je leerproces te faciliteren en je te helpen, maar je bent zelf verantwoordelijk voor de voortgang, de kwaliteit van je werk en de reflectie op je eigen leerproces. De werkgever heeft de verantwoordelijkheid om je te begeleiden op een werkplek waar je de noodzakelijke competenties kunt verwerven. Het korps is verantwoordelijk om het werkend leren mogelijk te maken.

Examens, toetsen en toelatingsgesprekken

Tijdens de opleiding heb je te maken met leerwerkplekopdrachten, theorietoetsen en toelatingsgesprekken. Ook zijn er twee examens, THV/IBGS en Brandbestrijding.

Onderdeel

toelichting

Leerwerkplekopdracht

Een opdracht die online gelezen en ingeleverd wordt, maar op de leerwerkplek uitgevoerd onder begeleiding van de leerwerkplekbegeleider.

Theorietoets

Een online gesloten-vragentoets die wordt afgenomen onder verantwoordelijkheid van het opleidingsinstituut, waarbij de deelnemer getoetst wordt op kennis en inzicht.

Toelatingsgesprek

Een gesprek tussen deelnemer en begeleidend docent/trajectbegeleider waarin wordt getoetst of de deelnemer voldoet aan de eisen om mee te mogen doen aan de praktijktoets en tevens feedback gegeven kan worden.

Alle onderdelen in het beoordelingsportfolio moeten voldoende zijn afgerond voordat je aan het examen kunt deelnemen. Aan het afleggen van de praktijkexamens zijn drie voorwaarden verbonden. Allereerst moeten alle leerwerkplekopdrachten met goed gevolg zijn gedaan en afgetekend door de leerwerkplekbegeleider. Ten tweede moeten de theorietoetsen met een voldoende zijn afgerond. Ten derde moeten de praktijkdagen zijn bijgewoond en de observatieformulieren moeten zijn ingevuld. Dit alles moet in de ELO staan. In de toelatingsgesprekken wordt beoordeeld of dit het geval is.

Het examen Bevelvoerder bestaat uit twee delen, namelijk: 

  • het examen THV-IBGS en
  • het examen Brandbestrijding.

Beide examens moeten met een voldoende resultaat zijn afgelegd om in aanmerking te komen voor het diploma Bevelvoerder. Voor een uitgebreide beschrijving van alle proeve-onderdelen verwijzen we naar de toetswijzer Bevelvoerder, deze kun je vinden op de website van het IFV

Specificaties

Toelatingseisen

Kwalificatie: diploma Manschap A

Werk- en denkniveau: aantoonbaar MBO 3

Studiebelasting

270 uur bij opleidingsinstituut

170 uur zelfstudie

140 uur werkplekleren

580 uur totaal

Praktijkexamendagen

2

Aantal deelnemers

12

Kwalificatie

Rijksdiploma Bevelvoerder

Aantal volledige dagen

58

Doorlooptijd dagopleiding (eens per week)

12 maanden

 

Delen