Tina

Moeder én vrijwilliger bij brandweerpost Leek

‘Tijdens een open dag van de kazerne, waar we waren voor mijn zoontje, werd mijn man gevraagd of hij niet bij de brandweer wilde. Maar hij stootte mij aan zei: “Dit is meer iets voor jou”. Ik ben niet gauw bang, heb wel technisch inzicht, help graag en ben een echte doener. Ik mocht een rondje meerijden in een brandweerauto mét sirene en kreeg direct zo’n kickgevoel. Toen ging het snel. Ik solliciteerde, werd aangenomen en startte de dag daarna met de tweejarige opleiding.’

Steeds meer vrouwen

‘Het is een mannenwereld. Maar er komen nu ook steeds meer vrouwen bij. Ik vind het belangrijk dat je als brandweervrouw hetzelfde kan en doet als de mannen. Wel ben ik vaak wat meer gericht op het zorgende. Zo hebben we allemaal wel iets waar we beter in zijn of meer in ons element. Maar ik sta net zo lief een brandje te blussen of als het nodig is een auto kapot te knippen. Inmiddels heb ik er nog een vrouwelijke collega bij. We starten binnenkort beide met de opleiding chauffeur pompbediende. Dat betekent dat we straks ook mogen rijden tijdens een uitruk. Spannend!’

Met elkaar in gesprek

‘Gemiddeld komen er twee meldingen per week. Vaak gaat het om kleine incidenten: een rookmelder die afgaat, een kind dat vastzit in een speelrek, een dier te water. Zo’n vijf tot tien keer per jaar is er een grotere inzet. Toen ik net bij de brandweer zat, moest ik naar een dodelijk ongeval. Dat was wel heftig; vooral toen de familie erbij kwam. Na zo’n inzet gaan we met de ploeg even zitten en met elkaar in gesprek. Zorgen dat we allemaal met hetzelfde verhaal naar huis gaan. De bevelvoerder belt daarna ook altijd even om te vragen hoe het met je gaat. Dat vind ik prettig.’

Geen dag hetzelfde

‘Het is belangrijk dat je familie je steunt in dit werk. Zeker als je kinderen hebt. Mijn kinderen zijn nu wat groter, maar toen ze klein waren appte ik een andere moeder, de buurvrouw of opa en oma als ik weg moest voor een uitruk. Je kunt dit niet alleen. Mooi is dat de ploeg eigenlijk ook familie is. Je doet iets waar een ander voor wegloopt en dat schept een band. Dat groepsverband vind ik erg prettig. Ook het fysieke, af en toe kapot gaan met collega’s, vind ik lekker. En natuurlijk de uitdaging: mensen en dieren helpen, ter plekke oplossingen zoeken. Geen dag is hetzelfde!’

Stel een vraag
Sluit stel een vraag box