Proeftuin Data brandonderzoek van start

  • Nederland
  • 15 april 2021

In 2018 bestond brandonderzoek tien jaar. Na het opbouwen van deze discipline is het nu tijd om vooruit te kijken en tijd om nog sterker de samenwerking met elkaar op te zoeken. Er ligt op dit moment een landelijke visie op de doorontwikkeling van brandonderzoek. Om te voorkomen dat het een papieren visie blijft, zijn er vijf proeftuinen ingericht om de visie te vertalen naar de praktijk.

In een serie interviews brengen we de proeftuinen onder de aandacht. Vandaag een interview met Frank van Hooft, OvD en beleidsadviseur informatie, onderzoek en analyse bij de VR Midden -en West Brabant, en met Rijk van den Dikkenberg, projectleider TBO database bij het IFV.

1. Waarom een proeftuin Data brandonderzoek?

Om te kunnen leren van brandonderzoek zijn data van cruciaal belang. En het gaat dan niet alleen om voldoende data, maar ook kwalitatief goede data. Frank van Hooft licht toe: ‘We beschikken over een goede systematiek waarbij we aan de hand van slimme vragenlijsten data verzamelen en ontsluiten. Maar we hebben nog wel een stap te zetten in het gebruiksvriendelijker maken van de database. Zowel het invoeren van data als het raadplegen van data blijkt niet altijd even makkelijk. We willen graag stappen maken in het signaleren van trends en het maken van verdiepende analyses van de branden in Nederland. Hiervoor is het belangrijk dat we nog meer kwalitatief goede data verzamelen. Om dat te bereiken willen we het dashboard toegankelijker maken én het verzamelen van data meer onder de aandacht brengen van de bevelvoerders.’

Vraaggestuurd
Naast het verbeteren van het dashboard wil de werkgroep ook meer vraaggestuurd werken. ‘Over welk onderwerp zou bijvoorbeeld het IFV of Brandveilig leven of afdelingen risicobeheersing in de regio’s data willen ontvangen? Door meer in te spelen op de vraag kunnen we ook gerichter data verzamelen en analyseren.’

2. Wat is de planning?

We willen graag dat het meer in het systeem van de bevelvoerder komt om op te schrijven wat opgevallen is tijdens de brand en dit ook in te voeren in de database. Het moet zeg maar een tweede natuur worden. Maar dat kun je niet afdwingen, dat heeft tijd nodig. Het streven is dat over 5 jaar iedere bevelvoerder een vragenlijst invult. Als we dan tegelijkertijd het dashboard gebruiksvriendelijker kunnen maken, dan hebben we over 5 jaar een goed gevulde landelijke database.’

3. Met wie werk je samen?

Frank: ‘In deze proeftuin werken we natuurlijk nauw samen met de Redactieraad voor de samenstelling van de vragenlijsten. Maar ook met de vakgroep brandonderzoek en met bijvoorbeeld de data-analisten van het IFV. Binnen ieder district hebben we contact met een vertegenwoordiger, die ook aanspreekpunt is voor vragen van gebruikers binnen dat district. We zoeken ook steeds meer de samenwerking met de afdelingen Risicobeheersing en Brandveilig leven en met de projectgroep Fatale woningbranden. Ook externe partijen zoals de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) weten ons te vinden. Uit brandonderzoek bleek bijvoorbeeld dat steeds meer branden veroorzaakt werden door de accu’s van hooverboarden. De NVWA heeft daarom verschillende hooverboarden uit de handel genomen omdat ze niet aan de veiligheidseisen bleken te voldoen. Op het moment dat we bepaalde verbanden zien, dan nemen we contact op om de veiligheid te verbeteren.’

4. Wanneer is voor jou de proeftuin geslaagd?

Frank: ‘Persoonlijk ben ik tevreden als het dashboard voldoet aan de verwachtingen en we goede analyses kunnen maken. We zien al dat brandonderzoek steeds meer impact heeft op het lerend vermogen van de brandweer, en daar doen we het tenslotte voor. Wat mij betreft mogen de vakraden ook meer gebruik maken van de data.  Een vraag zou bijvoorbeeld kunnen zijn: welke inzettactiek wordt het meest toegepast, of hoeveel water gebruiken we nu eigenlijk bij een inzet. Door vragen te stellen kunnen we kijken of we het antwoord al uit de database kunnen halen of dat we de vragenlijst moeten aanpassen. De database is er niet alleen voor brandonderzoekers, maar voor de hele brandweer.’

Rapportage
Rijk van den Dikkenberg beaamt dit. ‘We hebben met de landelijke database een prachtig product dat redelijk uniek is in de wereld. Onderzoek naar kwaliteit van de data is belangrijk omdat het input levert voor de bedrijfsprocessen van de brandweer. Begin mei leveren we de eerste rapportage van dit onderzoek op. Op basis daarvan gaan we samen met de vakgroep kijken of we inmiddels voldoende kwalitatief goede data hebben om input te kunnen leveren aan de bedrijfsprocessen . We merken namelijk dat er grote verschillen zijn in het verzamelen van data tussen de regio’s. De ene regio onderzoekt bijvoorbeeld standaard vanaf middelbrand en andere regio’s doen het erbij. Ik zou graag zien dat alle regio’s op uniforme wijze data verzamelen voor de landelijke database. Zie het maar als een soort landelijk specialisme.’

5. Wil je nog een oproep doen aan de brandweercollega’s?

Wil je weten hoe het dashboard werkt en meer weten over de data, neem dan contact op met brandonderzoek in je regio. Dan kun je ook aangeven welke informatie je mist. Dan kunnen wij kijken hoe wij de database kunnen verbeteren door de juiste data te verzamelen. Alleen met jullie input kunnen we nog meer leren van brandonderzoek!  

 

Foto's rechts: Frank van Hooft en Rijk van den Dikkenberg.
Foto onder: screenshot database brandonderzoek.

 

Frank Van Hooft (1)
Rijk Van Den Dikkenberg

Database

Samen ambities waarmaken

Als brandweer spelen we in op de veranderende samenleving. Hoe we dit doen lees je op deze pagina.

Uitvoeringsagenda-Werk-in-uitvoering.jpg

Actualiteiten Uitvoeringsagenda

Lees meer over de verschillende trajecten uit de Landelijke Uitvoeringsagenda in de rubrieken 'Mijlpalen' en 'Werk in uitvoering'.

Uitvoeringsagenda-36trajecten.jpg

Brandonderzoek

We doen onderzoek zodat we brand zo goed mogelijk kunnen bestrijden én voorkomen.

Brandonderzoek-1.jpg

Delen