Open monumentendag

  • Amsterdam
  • 07 september 2017

Op zaterdag 9 en zondag 10 worden de 31 Open Monumentendagen in Amsterdam gehouden. Daarbij worden – meestal rond een bepaald thema – allerlei gebouwen en tuinen opengesteld ter bezichtiging. Daar zitten vaak unieke monumenten bij, die doorgaans niet zo gemakkelijk bezocht kunnen worden. Voor de liefhebbers is het dan ook een buitenkansje.

Het zal niemand verbazen dat in een stad met zo’n rijke brandweergeschiedenis ook plekken zijn, waar de brandweer een rol gespeeld heeft. In het dorpje Sloten in het uiterste zuidwesten van Amsterdam, is het oude politiepostje aan de Sloterweg 1226 te zien. Tot 1925 stond daar ook de handbrandspuit van de vrijwillige brandweer en nu is daar nog de fraaie openbare brandmelder te zien, die gekoesterd wordt door dorpsgenoot en oud-brandweerman Willem Klooster. Bezoekers kunnen zich in een oud boevenpak hijsen en zich voor het politiebureautje laten fotograferen.

Ook de Muiderpoort aan de Sarphatistraat is open. Het gebouwtje werd in 1940 van zodanig cultureel belang beschouwd, dat gedurende de twee eerste oorlogsjaren een permanent bezette bedrijfsbrandweerpost was van de z.g. Kunstbescherming. Ook het waterleidinggemaal Stadwijck naast begraafplaats Zorgvlied op de Amsteldijk 272 is te zien. Daar staan onder andere nog de twee grote Stork-pompen uit 1920, die mede voor de bluswatervoorziening in Zuid zorgden.

De Waag of Sint Anthoniespoort op de Nieuwmarkt 4 is ook opengesteld. Het gebouw dateert uit de 15e eeuw en heeft vele functies gekend. Van de oprichting van de beroepsbrandweer in 1874 tot aan 1890 is de Waag zelfs een hoofdwacht van de brandweer geweest. Aan die plek, de Nieuwmarkt, dankte de kazerne zijn codeletter ‘N’, die meeverhuisde naar de nieuwe kazerne aan de De Ruyterkade en in 1973 naar de IJtunnel, die dan ook nog steeds ‘N’ oftewel ‘Nico’ heet. Bovenin is onder andere het leslokaal te zien, dat eerst het ‘theater anatomicum’ van het chirurgijnsgilde was en dat bekend is van de schilderijen van de ‘Anatomische Les’.

De voormalige brandweerpost aan de Nieuwe Zijds Kolk 28 is eveneens toegankelijk. Het ‘Koornmetershuisje’ dat in 1620 in gebruik werd genomen door het korenmetersgilde, huisvestte tussen 1874 en 1897 de ‘observatiepost Z’ van de beroepsbrandweer. De brandspuit, die met de hand naar de brand moest worden voortgetrokken, stond in een (niet meer bestaand) loodsje naast het gebouw en de manschappen verbleven in de kelder. Er werd daar niet geslapen, want ze werden om de twaalf uur afgelost vanuit de hoofdwacht Prinsengracht (H). In het trappenhuis is nog een plaquette, waarin de aanwezigheid van de brandweer wordt gememoreerd.

Het Korenmetershuisje

Tussen die beide gebouwen in ligt de Oude Kerk, die ook een rol speelde in de brandweergeschiedenis. Om te beginnen met de torenwachter, die dag en nacht op de uitkijk stond en bij brand alarm moest slaan. In 1879 werd die functie opgeheven, want de beroepsbrandweer had een puik alarmstelsel en kon op 130 plekken in de stad in kennis gesteld worden. In de kerk is ook de z.g. ‘IJzeren Kapel’, feitelijk de eerste brandkast. In een dik gemetselde nis met ijzeren deuren werden de belangrijkste documenten van de stad bewaard, waar ze veilig waren voor brand en overstromingen. Verder is daar in de kooromgang nog het onopvallende graf nr. 92, waarin Jan van der Heijden en een deel van zijn familie ligt begraven. Geheel in de sobere doopsgezinde stijl is het geen praalgraf, zoals andere rijke Amsterdammers zich dat wel lieten aanmeten. Het is te vinden vlak naast de gedenksteen van componist Sweelinck.

Veel plezier vast het komende weekeinde!

Wij gebruiken cookies