De brandweer en Rusland

  • Amsterdam
  • 06 juni 2017

6 juni is jaarlijks de Dag van de Russische taal. Een taal waarin ook diverse brandweerwoorden zijn verwerkt.

Diverse termen uit de scheepvaart en de brandblussing zijn vanuit het Nederlands in het Russisch terechtgekomen door het verblijf van Czaar Peter de Grote in voornamelijk Amsterdam in 1697-1698. Hij was een frequent bezoeker van Jan van der Heijden, grondlegger van de huidige brandweer, in zijn woonhuis/fabriek aan de Koestraat, omdat Peter zijn straatverlichting en brandspuiten mee wilde nemen naar Rusland. Ook leerde Peter het vak van scheepsbouwer en timmerman, voornamelijk op Oostenburg. Daar is nog een gedenkplaquette i.v.m. zijn verblijf daar.

Met de kennis en vaardigheden gingen natuurlijk ook de woorden mee. In de brandblussing was dat inderdaad de 'brandspuit', de 'slang', de 'vlam', de 'cilinder', de 'lijn' en ongetwijfeld nog veel meer. 'Meester' is ook het Russische 'Master' geworden. In de Hermitage van Sint Petersburg hangt nog een grote prent van Jan van der Heijden, waarin de kracht van de door hem uitgevonden handbrandspuiten wordt geïllustreerd. De prent is later ingekleurd. Ook moet daar nog een Russische versie van het beroemde slangbrandspuitenboek liggen.

 

Wij gebruiken cookies