Historie 1946 - 1972: wederopbouw

Moderne autoladder van 30 meter, 1953

Vernieuwing
De eerste na-oorlogse jaren stonden in het teken van de vernieuwing van het materieel. Elf autospuiten met gesloten cabines en vijf moderne stalen autoladders werden in dienst gesteld.De manschappen kregen vanaf 1948 met 55 jaar functioneel leeftijdsontslag en de werkweek ging van 84 naar 72 uur. Enige belangrijke inzetten waren de hulpverlening na een vliegtuigongeval op Schiphol, waarbij op 14 november 1946 26 doden vielen en de langdurige zware brand in het koelhuis 'Amerika' aan de Oostelijke Handelskade op 11 september 1948. Op 20 april 1957 verwoestte een zeer grote brand een complex pakhuizen op Wittenburg.

Mobilofoon en persluchtapparaten
Nieuwe technieken ontwikkelden zich snel. Tegen het einde van de jaren vijftig deden de mobilofoon en de persluchtapparaten hun intrede bij de Amsterdamse Brandweer. Bijzondere voertuigen voor schuim- en poederblussing en hogedruk-autospuiten kwamen in dienst, evenals een nieuwe kraanwagen. De oude drijvende stoomspuit 'Jason' werd vervangen door een moderne havenblusboot.

Luycks, Spuistraat en C&A
De strenge winter van begin 1963 bracht voor de Brandweer veel werk. Op 18 januari brandde de Luycksfabriek in Diemen af, op 21 januari een groot complex in de Spuistraat en op 16 februari het grote modemagazijn van C&A aan het Damrak. De opening van de Coentunnel in 1966 betekende nieuw werk voor de Brandweer, die tot 1978 gestrande auto's daaruit verwijderde, hetgeen na de opening van de IJtunnel in 1968 ook daar gebeurde.

Nieuwe onderkomens
De annexatie in 1966 van een groot gebied ten zuidoosten van de stad zorgde voor de opneming van de vrijwillige Brandweer Driemond in het korps. Evenals in Nieuw-West, dat sinds 1959 al een eigen kazerne had, werd in het nieuwe gebied in 1969 een eigen brandweerpost betrokken. In deze periode startte de grootscheepse vernieuwing van de huisvesting van de Brandweer. Binnen twintig jaar werden dertien nieuwe gebouwen betrokken, waaronder drie tijdelijke, en werden de overgebleven oudere kazernes volledig gerenoveerd. Ook het oude instructiegebouw werd vervangen door een volledig geoutilleerd opleidingscentrum op de voormalige Zuidergasfabriek.

Rampen
Ondanks de goede uitrusting en inrichting kwamen er toch enkele rampen voor in Amsterdam. Een pyromaan kostte op 6 februari zes en op 6 maart 1966 twee mensen het leven bij branden in de Bethaniëndwarsstraat en op de Kloveniersburgwal. Bij een brand op de olietanker 'Diane' in de Australiëhaven op 12 december 1968 vielen 14 doden, op 20 november 1969 verbrandde een grote kerosine-opslagtank van Comos aan de Benzolweg, op 5 december 1970 kwamen acht pensiongasten om het leven bij een brand in de Amstelstraat, op 30 mei 1971 raakten bij een treinbotsing bij Duivendrecht zes mensen dodelijk gewond en bij een explosie in de chemische fabriek Marbon op 10 augustus 1971 verloren negen mensen het leven, waaronder vijf brandweerlieden. Uit al deze incidenten werden wijze lessen geleerd en voorschriften voor de brandveiligheid en de brandblussing werden aangepast aan de moderne, snelle tijd. 

Brand C&A Damrak bij strenge vorst, 1963

Wij gebruiken cookies