Top of this page
Skip navigation, go straight to the content
VeiligheidsbureauDe activiteiten van de Veiligheidsregio worden afgestemd in het Veiligheidsbureau Flevoland. Medewerkers van brandweer, politie, GHOR en gemeenten werken gezamelijk aan crisisbeheersing en rampenbestrijding. Ze richten zich op de voorbereiding van gezamenlijke grootschalige optredens in de breedste zin van het woord; van evenementen en rampen tot crises. Bij de bestrijding van een ramp of ernstig incident werken deze organisaties immers schouder aan schouder. Het Veiligheidsbureau is gevestigd in een gebouw van Politie Flevoland, waar ook de regionale meldkamer gevestigd is.
Het veiligheidsbureau werkt nauw samen met externe partners als waterschappen, nutsbedrijven en defensie. Want ook deze organisaties kunnen een prominente rol hebben in de rampenbestrijding. Met het bundelen van de krachten in een veiligheidsbureau, is een belangrijke stap gezet in de rampenbestrijding- en crisisbeheersingsorganisatie in Flevoland.
Mocht zich in Flevoland een ramp voordoen, dan moeten alle betrokken organisaties klaar zijn om de noodzakelijke acties te ondernemen en hun taken op een goede manier uit te voeren. Daarvoor zijn goed opgeleide en getrainde medewerkers nodig die hun taak kennen, voorbereid zijn op hun werkzaamheden en die kunnen functioneren in rampbestrijdingsteams. Het veiligheidsbureau houdt zich onder andere bezig met het oefenen en trainen van deze functionarissen.
Ook de zogenaamde operationele informatievoorziening is een taak van het veiligheidsbureau. Bij een ramp of ernstig incident is het belangrijk dat de diverse rampbestrijdingsteams en hulpdiensten over de benodigde informatie beschikken. Denk daarbij bijvoorbeeld aan informatie over slachtoffers, vermisten en schade. Het veiligheidsbureau bedenkt aan welke informatie bij verschillende incidenten behoefte is. Door hierover van tevoren na te denken kan tijd worden bespaard als er echt een ramp is. Heel veel informatie kan dan namelijk al worden "klaar gezet" nog voor de vraag door de rampbestrijders is gesteld! Denk daarbij bijvoorbeeld aan informatie over het aantal inwoners op de rampplek. Ook treft het veiligheidsbureau voorbereidingen zodat de informatie, ten tijde van een ramp, zo snel mogelijk bij de juiste personen terecht komt.
Het opstellen van plannen is ook een taak van het veiligheidsbureau. Het bureau ondersteunt de gemeenten met bjivoorbeeld model-rampbestrijdingsplannen en rampenplannen. Ook wordt nagedacht over rampenbestrijdingsplannen voor rampen die meerdere gemeenten kunnen treffen. Denk hierbij aan overstromingen en dijkdoorbraken.
Het veiligheidsbureau stelt een beleidsplan op. Daarbij gaat het om het zogenaamde Regionaal Beheersplan Rampenbestrijding (RBR). Dit is een meerjarenbeleidsplan waarin de koers wordt uitgezet om de organisatie van de rampenbestrijding in de regio te verbeteren. Ook staan in het plan afspraken over de prestaties die de betrokken organisaties moeten leveren. Elke regio in het land moet zo'n beleidsplan maken. Dat is door de wetgever verplicht gesteld om de kwaliteit van de organisatie van de rampenbestrijding in Nederland te verbeteren.
Regelmatig wordt getoetst of de regio wel op de goede weg is met de voorbereiding op mogelijke rampen en incidenten. Zo toetst de provincie onder meer de plannen die worden gemaakt voor de bestrijding van diverse rampen. Ook legt de regio jaarlijks aan gemeenten en provincie in een zogenaamde bestuurlijke rapportage verantwoording af over de voortgang van de uitvoering van het Regionaal Beheersplan Rampenbestrijding. Deze bestuurlijke rapportage wordt door het veiligheidsbureau gemaakt.
Daarnaast krijgen politie, brandweer, GHOR en gemeenten in Flevoland eens in de vier jaar bezoek van de Inspectie Openbare Orde en Veiligheid (IOOV) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Zij worden dan beoordeeld op de activiteiten die gericht zijn op het voorkómen, beperken en bestrijden van rampen in Flevoland. Over de resultaten van dit onderzoek rapporteert de Inspectie aan het regiobestuur, de gemeentebesturen, de provincie en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.